Een familielid inschakelen in je eenmanszaak: mag dat?

Onverwacht een groot order binnengehaald? De rush van de feestdagen of soldengekte in de winkel? Soms heb je als zelfstandige letterlijk handen tekort. Gelukkig mag je op zo’n moment een familielid of andere bereidwillige laten bijspringen. Daar bestaat het statuut van zelfstandige helper voor.

Onverwacht een groot order binnengehaald? De rush van de feestdagen of soldengekte in de winkel? Soms heb je als zelfstandige letterlijk handen tekort. Gelukkig mag je op zo’n moment een familielid of andere bereidwillige laten bijspringen. Daar bestaat het statuut van zelfstandig helper voor.

Zelfstandig helper is een geknipt statuut om tijdens een druktepiek in je zaak op een goedkope en flexibele manier een beroep te doen op extra helpende handen. Trouwens: ook om op de lange termijn samen te werken met een andere zelfstandige is het een interessante formule. Er zijn wel enkele voorwaarden aan verbonden:

1. Exclusief voor eenmanszaken

Of: werk je als zelfstandige binnen een vennootschap, dan mag je geen zelfstandige helpers inschakelen.

2. Niet werken in ondergeschikt verband

Je helper is niet verbonden door een arbeidsovereenkomst. Hij mag je dus bijstaan om je zaak te runnen of je zelfs tijdelijk vervangen – bijvoorbeeld in geval van ziekte, maar hij mag niet onder jouw toezicht of gezag werken. Blijkt dat wel het geval, dan kan de sociale inspectie hem beschouwen als een schijnzelfstandige.

3. Aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds

Net zoals jij moet je helper zich vooraf aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds. Dat kan in hoofd- of bijberoep, afhankelijk van het feit of hij daarnaast nog een loon of uitkering ontvangt. Op zijn inkomen moet hij immers sociale bijdragen betalen. In het geval van een aansluiting in hoofdberoep bouwt je helper daar sociale rechten mee op.

Op die regel zijn wel enkele uitzonderingen:

  • Als je helper een student is die nog kinderbijslag krijgt;
  • Als hij helper wordt vóór 1 januari van het jaar waarin hij 20 wordt, op voorwaarde dat hij ongehuwd is;
  • Als de helper je eigen partner (gehuwd of wettelijk samenwonend) is. In dat geval is een aansluiting als meewerkend partner bij jouw sociaal verzekeringsfonds vereist, tenzij je partner al via een ander statuut sociale rechten opbouwt.

Opgelet: ook ‘toevallige’ helpers moeten zich aansluiten

Springt iemand eenmalig bij, dan spreken we over ‘toevallige hulp’. Toevallig betekent gedurende minder dan 90 aansluitende dagen en niet op regelmatige basis. Toch is ook hier de regel: sluit de helper vooraf aan bij een sociaal verzekeringsfonds. Als achteraf blijkt dat de hulp effectief eenmalig was, dan wordt de aansluiting gratis ongedaan gemaakt.

Kortom: het statuut van zelfstandig helper is een flexibele oplossing om extra handen in te schakelen in je eenmanszaak, op voorwaarde dat je de spelregels strikt naleeft. Anders zal de sociale inspectie de bereidwillige al snel bestempelen als zwartwerker.

Ook belangrijk: als zelfstandige ben je mee verantwoordelijk voor het betalen van de bijdragen van de helper. En het statuut is niet altijd combineerbaar met uitkeringen of tijdskrediet. Twijfel je of bepaalde zelfstandige statuten en uitkeringen samengaan? Contacteer dan voor de zekerheid een RVA-kantoor in je buurt.